5. Vlug, vlug, onder het bed

schilderij helga kos

Een blog over de relatie tussen ouders en school. Een band die goed, vruchtbaar en veerkrachtig moet zijn. Misschien is het nuttig om eerst een uitstapje te maken naar het theater …

Stel je een toneel voor: vijf deuren in het decor en zeven mensen die haastig in en uit lopen. Met ingehouden paniek, elkaar voor de voeten lopend, proberen ze enkele onbeduidende problemen op te lossen.

De toeschouwers zien de acteurs worstelen. Maar wat die ook proberen, het schiet niet op. Lapwerk, halve maatregelen, goedgelovigheid en onvolwassen relaties.

– Vlug, vlug, onder het bed.

Reality check

Anderhalf jaar geleden. Mijn inleiding voor derdejaars Pabo-studenten gaat over de relatie tussen school en ouders. Ik vraag hen wie als stagiair een gesprek bijwoonde over een verstoorde relatie tussen school en ouders.

Twaalf studenten steken hun hand op. De volgende vraag: wie maakte mee dat binnen de school en in gesprek met ouders werd doorgepraat tot er een oplossing op tafel lag?

– Wie?

Geen van de 72 aanwezige studenten.

Kinderschoenen

Bovenstaand handopsteken, is dat representatief? Beslist niet.

Raakt de ervaring van deze studenten, weliswaar een beperkte ervaring, een zenuw in het onderwijs? Mijn ervaring zegt dat dit het geval is. Het installeren en onderhouden van een volwassen relatie tussen school en ouders verloopt niet zonder moeite.

Sterker: op veel scholen staat die relatie in de kinderschoenen.

Soms is het gewoon nodig

Een sfeer creëren waarin leerlingen lekker kunnen leren: veel leraren hebben de intuïtie, de ontspanning plus de strategie in huis om dat die sfeer tot stand te brengen.

Verstoort een leerling bij zo’n leraar het werkklimaat in de groep? Dan volgt een korte correctie: oogcontact, een gebaar, een paar woorden. Dat is vaak voldoende.

De rust keert terug. De groep werkt door. De leraar observeert.

Een leerling aanspreken, aanmoedigen, uit de put halen, bijsturen, corrigeren, confronteren? Dat is wel eens nodig. De meeste leraren doen dat mild, terloops, doeltreffend, zonder de betreffende leerling onnodig te kwetsen of te vernederen.

Ze duiken niet weg. Ze treden adequaat op.

Gezaghebbend

Volgens hoogleraar pedagogiek Micha de Winter hebben kinderen – op school alle leerlingen – behoefte aan een gezaghebbende gemeenschap van betrokken volwassenen.

Omdat het met sommige leerlingen op school niet goed gaat, moeten we voor ‘lekker leren’ zorgvuldig naar de relatie van de betrokken volwassenen kijken. Dus naar de relaties tussen schoolleider, leraar en ouders.

Zien we daar afwezigheid, onverschilligheid, een terugtrekkende beweging? Een schoolleider die de andere kant opkijkt? Een ouder een lastig gesprek ontlopen? Een leraar wegduiken? Dan is dat niet pluis.

Wie onder het bed duikt om het gesprek met een volwassene te ontvluchten, als in een klucht, verliest geloofwaardigheid, betrokkenheid, gezag.

Niet generaliseren

Een schoolleider kan verzaken. Een leraar wegduiken. Een ouder ook.

Niet uitsluitend met derdejaars Pabostudenten spreek ik hierover. Ook met bestuurders, schoolleiders, leraren, ouders en een onderwijsinspecteur. Ze herkennen het wegduiken. Erkennen dat de relatie tussen de school en de ouders vaak in kinderschoenen staat.

Veel te vaak, zeggen ze.

Een ervaren schoolleider zegt me: je mag dit beeld natuurlijk niet generaliseren. Ik ken collega’s die geen enkel lastig gesprek uit de weg gaan. Ze duiken nooit weg. Ze verzaken niet, Ze treden op.

Maar, voegt hij er aan toe, er is altijd die kring van andersdenkenden, die adviseert dat moeilijke gesprek uit de weg te gaan. Niet doen, is hun advies, gewoon niet doen.

– Vlug, vlug, onder het bed.

What’s next?

Ouders aanspreken, aanmoedigen, aan het woord laten als informatiebron, uit de put halen, bijsturen, confronteren met behoud van de relatie. Het hoort er allemaal bij.

Toch gaat het nog vaak mis. En dan is een gezaghebbende gemeenschap van betrokken volwassenen soms ver weg.

Voel je als lezer vrij om te reflecteren over oorzaak en gevolg.

Deel je ervaring en gedachten.

Beeld: Helga Kos, Amsterdam

 

Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Google+Share on Facebook

9 Comments on “5. Vlug, vlug, onder het bed

  1. Leuke blog Bob,

    Ik heb 3 jaar leiding mogen geven aan verschillende docententeams op een ROC en met die teams intensief gewerkt aan vernieuwing van hun onderwijs.

    Ik herken wel wat je beschrijft. Onderwijs is vaak een hele kleine afgeschermde omgeving waarin de hoofdrolspelers – docenten en leerlingen – op elkaar zijn aangewezen en in vaste patronen met elkaar “samenwerken” om de resultaten behalen die van ze verwacht worden.

    Elke inbreuk van buitenaf ervaren zij als lastig en verstoord hun proces. Dat heb ik als onderwijsmanager verschillende keren ervaren, omdat ik zelf zo nu en dan in dat proces moest ingrijpen. Ouders daarbij betrekken maakt dat nog lastiger omdat die het belang van hun kind voorop stellen.

    Docenten reageren dan op de manier die zij binnen hun proces ook hanteren, een manier die uitgaat van een hiërarchische verhouding tussen hen de de leerling. Dat is nu net de houding die ouders niet accepteren, daardoor wordt de communicatie moeizaam en ontstaat een sterke behoefte om de zaak dan maar onder het bed – of het tapijt – te vegen.

    Wat je daar aan kunt doen als schoolleider of onderwijsmanager? In mijn ervaring gaat het beter als je de docent meer manager van het leerproces maakt, ervoor zorgt dat hij of zij boven het proces gaat staan. Daarmee wordt beter zichtbaar wie eigenlijk allemaal een rol spelen in het leerproces. De ouders spelen een heel belangrijke rol maar die is vanuit het proces niet zichtbaar. Als procesmanager wordt het al een stuk gemakkelijker voor de docent om ouders die rol ook te laten spelen. Dat vergt wel een aantal nieuwe kwaliteiten van docenten, ze moeten dan meer leiderschap gaan tonen in plaats van leermeesterschap.

    Dat lijkt me een mooi onderwerp om eens met schoolleiders en onderwijsmanagers over te spreken.

  2. Dank voor je reactie, Rob.

    Mijn blog heb ik geschreven vanuit het perspectief van het primair onderwijs. Uit je reactie blijkt wel dat het werken aan een goede, volwassenen relatie ook elders nodig is. Op ROC’s bijvoorbeeld.

    Je suggestie om iedere leraar meer verantwoordelijkheid te geven, is heldere bijdrage aan het debat.

    Vriendelijke groet, BM.

  3. Als begeleider van kinderen met een beperking in het basis onderwijs kom ik het steeds vaker tegen: school en ouders tegenover elkaar terwijl beide het belang van het onderwijs van het kind voor ogen hebben. Waar het vooral “mis” gaat in mijn beleving is het moeilijk kunnen accepteren van elkaars kennis en het zoeken naar de verbinding tussen de twee kennisbronnen. Daar ligt volgens mij nl de oplossing.

  4. Dag Irma,

    Dank voor je reactie. Met betrekking tot de inhoud ben ik verbaasd dat je zo vaak aantreft dat de verbinding tussen de kennisbronnen zich voordoet. Ik zou ervan willen uitgaan dat wat de specifieke stand van de kennis rond zowel het kind als van het aan te bieden onderwijs, niet betwijfeld kan worden.

    Vriendelijke groet, BM

  5. Beste Bob,

    Ik ben er ook verbaasd over. Nu is het misschien goed om te melden dat ik vooral werk met kinderen met Down Syndroom. Doordat ouders natuurlijk al heel snel van deze beperking op de hoogte zijn en zich dus kunnen verdiepen…. Er daarnaast veel onderzoek naar leren, spraak taal ontwikkeling enz is gedaan zijn zij goed op de hoogte. Vaak beter dan het onderwijs, wat naar mijn idee logisch is. Maar omdat zoals je al schreef..het onderwijs vaak een gesloten systeem is blijkt het voor hen lastig hier gewoon open in te staan. En men ziet ouders vaak als ik citeer ‘drammerig’, ‘niet geaccepteerd dat hun kind een beperking heeft’, ‘lastig’.

    Ouders daarentegen geven aan dat scholen niet open staan voor hun input; ‘willen niet’, ‘slechte docent’. Dus over en weer wantrouwen wat beide visies versterkt. vrees ik. Ik deel je mening dat er eigenlijk geen twijfel over zou moeten bestaan en probeer dus de brug te behouden/bouwen! Ik ben er voor deze doelgroep in mijn regio Utrecht / Amersfoort heel druk mee, maar vrees nog een lange weg te moeten gaan.

  6. Hallo Bob,

    Helaas een herkenbaar beeld…… Ouders die niet goed worden betrokken bij de school vinden zichzelf al snel een zeikouder. Wat ik dan als IB-er doe is dit gelijk benoemen als betrokkenheid, tegen de ouders zelf, maar vooral ook bij mijn collega’s.

    Wat me in het verleden ook heeft geholpen om met deze betrokken ouders een afspraak te maken om te ‘luchten’ over hoe het in het verleden is verlopen. Dit geeft een band voor een nieuwe start, als we het dan als school goed oppakken, wordt de relatie tussen school en ouders alleen maar beter en kunnen we wat bereiken voor? De kinderen! Laten we die vooral niet vergeten.

  7. Beste Corné,

    Dank voor je reactie. Het is waardevol wat je introduceert in deze bijdrage.

    Ten eerste dat er een ‘periode van verwaarlozing’ geweest kan zijn. Ten tweede dat volwassenen kunnen afspreken om elkaar ten behoeve van het betrokken kind, een nieuwe start te gunnen.

    Vriendelijke groet, BM

  8. Mooie blog Bob,

    Ik moest erg lachen om je metafoor.

    ‘Onder het bed’ ofwel we ontduiken onze verantwoordelijkheid. Of een deel daarvan. Het voeren van lastige gesprekken over onderwerpen die er echt toe doen is een vaardigheid, die te leren is. Moeilijkheden en problemen gaat men liever uit de weg terwijl deze meestal niet vanzelf weg gaan.

    Het vergt leiderschap om de verbinding aan te gaan om de niet zo leuke gesprekken toch op de agenda te zetten. En het vergt moed voor het maken van tijd voor aandacht voor elkaar en het kind.

    Het hoeft trouwens niet zo moeilijk te zijn, kleine stapjes kunnen positieve veranderingen brengen. Ik breng en haal zelf mijn kind uit school. Het is dan makkelijk om de leerkracht even aan te spreken en te vragen wat gevraagd moet worden of te zeggen wat gezegd mag worden. Vraag een e-mailadres of bel even met elkaar.

    Voor het kind ook wel zo prettig om te ervaren dat de verschillende leefwerelden in elkaar over lopen.

  9. Dag Anita,

    Dank voor je verheldering: als je wegduikt is er niets weg.

    Het knelpunt onder ogen zien vergt leiderschap, moed, aandacht en een centrale plaats in het gesprek voor het kind waarover het gaat.

    Je suggesties zijn eenvoudig en effectief. Ga er heen, laat je zien, maak contact, wissel contactgegevens uit als dat de ander het beste uitkomt.

    En ‘verschil mag er zijn’.

    Vriendelijke groet, BM

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *